De Willibrorduskerk in Vleuten

Op doordeweekse dagen moet ik er wel eens over nadenken: is het vandaag dinsdag of woensdag? Op zondag gebeurt dat niet. Bij de zondagen hoort een aparte beleving, een ander gevoel.
In mijn kinderjaren begon de dag met een mis in de katholieke kerk. Pas daarna mochten we ontbijten. Zondag was rustdag en iedereen was thuis. We droegen nette, zondagse kleren. Er werden geen klusjes gedaan, zoals schoenen poetsen of peren plukken. Dat gebeurde op zaterdag. Mijn vader wilde ook niet dat mijn moeder op zondag kookte. Daarom aten we op de dag des heren tussen de middag alleen soep en pudding, gerechten die moeder de dag ervoor had klaargemaakt. Daarna volgde een middag van spelletjes of familiebezoek.
Als puber wist ik niet wat ik erger vond: de verplichtingen van zes dagen schoolbezoek of de verveling van de lege zondagen. Voor wie behoefte heeft aan regelmaat kan de zondag eenzaam zijn. Er zijn mensen die alleen op zondag hoofdpijn hebben.
Tijdens mijn studiejaren stond de zondag in het teken van uitslapen na een nacht van cafébezoek of feestgedruis. Elf uur opstaan was vroeg, één uur niet ongewoon. Op de middag die volgde gebeurde er weinig. Het droeg niet bij aan een prettige stemming.
De overgang naar de fase met kleine kinderen was groot. Om de beurt moest een van ons om zeven uur opstaan. En dat op een rustdag.
Nog weer later was de zondag het enige moment dat onze kinderen rustig huiswerk maakten. Jarenlang gebruikte ik die momenten om stukken voor mijn werk te lezen of te schrijven.
Je zou een leven kunnen beschrijven aan de hand van de invulling van de zondag.

Nu lees ik op zondagmorgen de krantenbijlagen die ik op zaterdag nog niet gezien heb. Voor de afwisseling zijn de puzzels favoriet. Soms weet ik niet wat te doen. Ik hoor wel eens enthousiaste verhalen over tv-programma’s op de zondagmorgen, maar de tv boeit mij weinig en zeker in de ochtend voelt kijken onwennig. Ook dat is historisch-cultureel bepaald.
Komt er geen bezoek, dan zegt een van ons aan het begin van de zondagmiddag: laten we er nog even uitlopen. Hoe lang zou de zondagmiddagwandeling al bestaan in de Europese cultuur? Zondagavond zeven uur zal voor altijd verbonden blijven met sublieme voorzetten en gemene overtredingen.

De christelijke cultuur heeft zijn uitwerking op mij niet gemist. Ik draai weliswaar gerust een was op zondag. Word ik gevraagd om te helpen bij een verhuizing, dan is de zondag geen belemmering. Maar het overheersende gevoel blijft: op zondag hoeft er niets. De voorgeschreven rust is veranderd in een toegestane rust. Al zijn de winkels open, ik ga er ’s zondags niet naar toe. De schuurmachine van de buurman klinkt op zondag irritanter dan op maandag. Zondagmorgen een boek lezen voelt heel gewoon, op maandagmorgen doe ik dat niet, al heb ik er nu de tijd voor.
Van mij mag de zondag rustdag blijven. Of ik er over tien jaar nog zo over denk is de vraag.