Vakantieherinnering (6)

Een hoge piep kondigt de sluiting van de deuren aan. De metro komt snel op gang. Twee rijen reizigers tegenover elkaar, de tas op schoot, handen op de tas. Gelijktijdig schudden we heen en weer bij een wissel. Ik tuur schuin omhoog naar de routekaart, zodat ik niet hoef te kijken naar de grote, donkere man, die tegenover mij zit. Hij ziet er in zijn vuile broek en versleten jasje onverzorgd uit. De donkergrijze haren staan alle kanten op. Zijn starre blik is op de vloer gericht. Hij praat in zichzelf, het zijn steeds dezelfde twee woorden, waarmee hij het suizende lawaai van de metro doorbreekt. Onze jongste zoon kan zijn ogen niet van de man afhouden. Als wij uitgestapt zijn, zijn we het niet over eens wat de donkere man riep: ‘three stops’ of ‘free stuff’.

New York was de eerste verblijfplaats op onze reis door de Verenigde Staten, voor onze zoons van veertien en zestien het land dat wij hen al enige jaren daarvoor hadden beloofd. We sliepen in een niet te duur hotel in het hartje van Manhattan, om de hoek bij Times Square. Bij aankomst had een piccolo direct onze rugzakken op een bagagetrolley met koperen stangen geplaatst. Het zag er vreemd uit, de doe-het-zelfbagage op een blinkende wagen in een luxe ambiance van art deco.
Vanuit hotel Edison struinden we drie dagen door de stad, onze hoofden voortdurend in de nek om ons te vergapen aan de hoogbouw. Alles is er hoger en groter dan elders (ook de psychiatrische inrichtingen en de gevangenissen, zo luidde de pointe van een mop uit mijn jeugd). Het Liberty Statue, symbool van de vrijheid, Times Square, symbool van de marketing, de alomtegenwoordige beurskoersen, symbool van de speculatie, McDonalds, symbool van fastfood en wegwerpmaatschappij.
Toen we nog maar net de drempel van een koffiezaak over waren, riep een jongeman vanachter het buffet: ‘Yes, please, can I help you, I love to help you, sure I do, I am quick!’ Ik bestelde ‘two small coffee’, waarna hij direct naar achteren riep: ‘two tall coffee!’. Ik corrigeerde dat ik toch echt ‘small coffees’ had besteld, waarop hij uitlegde dat er drie maten waren: Tall, Grand, Giant.
We bezochten de musical Chicago, aan het einde waarvan de twee hoofdrolspeelsters voor een glittergordijn met sterren the American way of living uitdroegen: you can live the life you like, isn’t it grand, isn’t it great, oh it’s heaven nowadays.

De metro brengt ons naar het station WTC, het World Trade Centre. Om bovengronds te komen passeren we eerst een luxueus winkelcentrum, hoge glazen puien, veel licht, veel marmer. Mode, horloges, parfum en whisky. Buiten steken de verticale lijnen van de Twin Towers de oneindigheid in. Op een marmeren plein ligt een grote fontein met een goudkleurig kunstwerk. Een van onze zoons voelt met zijn handen in het water. Hij wordt direct vermaand door een beveiliger. Het is hier Zero Tolerance. Alles is onder controle. Het is dinsdag 10 juli 2001.