Mijn 400ste blog

 

Ik begin op mijn rug. Dan merk ik al snel een aangename ontspanning, een gevoel van zwaarte in mijn ledematen. Gedachten buitelen over elkaar heen, in mijn hoofd ben ik niet meer de baas. Vervolgens draai ik op mijn zij. Soms val ik direct in slaap, soms duurt het nog een poosje.
Slapen is een van de merkwaardigste bezigheden die ik ken. Of beter gezegd: het is een merkwaardige toestand. Ik leef wel, maar ik merk er niets van, ik ben compleet van de wereld. Het bijzondere is, dat deze toestand na een aantal uur weer stopt, zonder dat ik er iets voor doe. Het gebeurt vanzelf. Er is door de wetenschap al veel onderzoek gedaan naar de slaap. Waar de slaap toe dient is duidelijk en ook dat het iets met een interne klok te maken heeft. Maar over de vraag hoe dat precies werkt is nog altijd weinig bekend. En dat voor iets waar wij een derde van ons leven aan besteden.
Vlak voor het inslapen is er een toestand van halfslaap. Gesproken wordt van ‘in slaap vallen’ of wegzakken. Je stijgt niet op naar de hemel. ‘Overmand worden door slaap’ is een andere uitdrukking. Die suggereert dat er een man is die je overmeestert of meevoert (Klaas Vaak?). Bij doodgaan horen ook associaties met slapen. ‘Slaap zacht’ wordt er tegen overledenen gezegd. Of: ‘hij is vredig ingeslapen.’ Andersom komt niet voor. Je zegt niet tegen iemand die slaapt: ‘blijf nog maar lekker dood.’
Ik heb eens geprobeerd om de overgang van waken naar slapen te onderzoeken. Om na te gaan wat er gebeurde op het moment dat ik mezelf voelde wegzakken. Het onderzoek was een mislukking. Het observeren was een hersenactiviteit die mij stante pede weer omhoog trok.

Soms dringt er tijdens de slaap wel iets door. Gelukkig maar, zou ik zeggen. Als mijn blaas vol zit bijvoorbeeld. Dan stommel ik enigszins onvast naar de wc om na een paar minuten het bed weer in te kruipen en gewoon verder te slapen, alsof er niets gebeurd is. Een kleine pauze in mijn bewusteloosheid.
In ons vorige huis woonden wij langs een goederenspoorlijn. ’s Nachts kwamen daar ooit zware goederentreinen langs die het bed deden trillen. De eerste paar nachten werden wij daarvan wakker. Daarna niet meer. Toen Limburg in april 1992 om 3.20 uur werd opgeschrikt door een aardbeving (5,8 op de schaal van Richter), waren de schokken tot in Utrecht voelbaar. Ons bed schudde solidair mee. Deze keer was ik direct wakker. Ik moet in mijn onderbewuste hebben opgemerkt dat het trillen niet door een trein werd veroorzaakt.

Zo’n 20% van de Nederlanders heeft last van slapeloosheid: problemen met inslapen, te licht slapen, te vroeg wakker worden. Ik prijs mijzelf gelukkig dat ik niet tot deze groep behoor, al heb ik wel eens een nacht met weinig slaap. Ik krijg wel steeds vaker slaap op het verkeerde moment: bijvoorbeeld als ik ’s middags een boek lees of als ik in het donker van de schouwburg naar een toneelstuk kijk. Is er iets met mijn biologische klok?