domtoren-1In de zestiger jaren maakte ik Tacitusvertalingen in de schaduw van de toren. Ruim tien jaar later sliep ik op mijn studentenkamer, nog dichterbij, onder het doordringende geluid van het carillon. Buurtbewoners protesteerden tegen de nachtelijke decibellen. Nog weer later werkte ik op het Nicolaaskerkhof en keek ik uit op die machtige toren, die niet alleen het centrum, maar de gehele stad en omgeving domineert.
De Domtoren.
Utrechters zijn trots op hun toren, ze zijn ermee vergroeid. Zij voelen zich weer thuis als zij naar Utrecht rijdend de toren al van ver zien liggen. De hoogste kerktoren van het land is hèt kenmerk van de stad. Het komt terug in logo’s, souvenirs, gebakjes, kaarsen en wat al niet meer. Een bezoek aan Utrecht is niet af zonder een bezoek aan de Dom. Wordt Koninginnedag in Utrecht gevierd dan loopt het koningspaar onder de toren door. Doet de Tour de France Utrecht aan dan gaan de beelden van de renners onder de Dom de hele wereld over. Aas ik bove op de Dom stao is een van de bekendste en meest geliefde Utrechtse liedjes.
De Domtoren is al honderden jaren lang een landmark. Reizigers in voorbije eeuwen oriënteerden zich gemakkelijk op de toren. Het bouwwerk staat afgebeeld op talloze schilderijen.
Onder de naam Trots van de Stad wijdt het Centraal Museum in Utrecht een tentoonstelling aan de Dom (t/m 2 oktober a.s.).

De bouw van de toren duurde van 1320 tot 1382.  De oorspronkelijk geplande hoogte van 126 meter werd gaandeweg bijgesteld tot 112 meter. De bouw werd vooral gefinancierd met zogenaamde aflaten. Kerkgangers betaalden flinke sommen geld aan de kerk in de hoop, dat hun verblijf in het vagevuur daarmee bekort zou worden; een vorm van zakkenklopperij waaraan later door Luther een einde zou worden gemaakt.
De Dom, in de 14e eeuw als losse toren gebouwd, werd in de daaropvolgende twee eeuwen aan de Domkerk vast gebouwd. Lang zou deze verbinding niet duren, want in een zware augustusstorm in 1674 werd het middenschip van de kerk weggeblazen, net als de torens van enkele andere kerken in de stad. Alleen al omdat de Dom in dit natuurgeweld overeind bleef, is hij zijn positie waard. Medewerkers van het KNMI hebben overigens berekend dat de toren domweg geluk heeft gehad. De sterkste rukwinden gingen langs de toren heen.

domtoren-2Toen ik naar de tentoonstelling ging, had ik drie vragen.
1.    Welke ziener c.q. idioot heeft opdracht gegeven tot een voor die tijd disproportioneel hoge toren?
Dat blijkt het kapittel (het bestuur) van de Domkerk te zijn geweest. De geestelijken hadden in die tijd niet alleen geestelijke, maar ook politieke macht. De bisschop van Utrecht was een van de machtigste mannen van het land.
2.    Waarom wilde men zo’n hoge toren?
Het antwoord op deze vraag is simpel: om de almacht te tonen. De mannen van het kapittel moesten laten zien wie de grootste heeft. We hebben de Dom dus te danken aan machtswellust. Eigenlijk zijn we in Utrecht trots op een fallus.
3.    Wat vond de bevolking van de bouw?
Het antwoord op deze vraag is niet overgeleverd. Aan het volk werd immers niets gevraagd in die tijd en zij hebben het zelf niet opgeschreven.
De theoloog en jurist Geert Grote, die bekend stond om zijn pleidooien voor een eenvoudiger geloofsbeleving, was een van de weinige criticasters. Grote vond het een zondig bouwsel, voortkomend uit ijdelheid en praalzucht. De man, die in deze kwestie zijn achternaam niet mee heeft,  had natuurlijk groot gelijk.
Toch is het maar goed dat er niet naar hem is geluisterd.