Wat maakt, dat je gegrepen wordt door muziek? Dat je opeens bij je nekvel wordt gepakt en compleet van de wereld bent. Dat je in één ogenblik schoonheid, ontroering en melancholie ervaart. Dat je in dat moment wilt blijven en daarna steeds weer die muziek wilt horen.
Daar zijn tenminste drie dingen voor nodig.
Op de eerste plaats, het is een open deur, moet het natuurlijk een prachtige compositie zijn.
Daarnaast, minstens zo belangrijk, moet het stuk uitmuntend uitgevoerd worden. De musici of zangers moeten geïnspireerd zijn, betekenis geven aan de muziek en een gevoel uitdrukken.
Over de derde voorwaarde later meer.

Als ik achter de pc zit luister ik vaak oude muziek. Ik struin YouTube af en blijf dan vaak een tijdje hangen bij een bepaalde stijl of componist.
Momenteel zit ik midden in de Engelse Renaissance. Zo stuitte ik op het stuk Media Vita in morte sumus, een zesstemmige compositie van John Sheppard (ca 1515 – 1558). Ik vond een opname van het Tsjechische ensemble Cappella Mariana.
Niet bij de eerste keer luisteren, maar bij de tweede of derde keer werd ik diep geraakt. In tijden heb ik niet zo’n schitterend, hemels stuk gehoord. Ik luister steeds opnieuw.
Media vita in morte sumus is een Latijns gezang, dat veelal op de vierde of vijfde zondag van de lente werd uitgevoerd. Ik vond de volgende vertaling.
Midden in het leven zijn we door de dood omgeven.
Wie zullen wij als helper zoeken dan U, Heer,
Die door onze zonden terecht vertoornd bent?
Heilige God, heilig en sterk.
Heilige barmhartige redder.
Geef ons niet over aan de bittere dood.
Een bijzonderheid: Joost Zwagerman heeft op de dag van zijn zelfgekozen einde dit stuk als verzoeknummer aan radio vier gestuurd.

Cappella Mariana is een vocaal ensemble uit Praag. De hoge sopraan in deze uitvoering is Hana Blazikova over wie ik eerder in dit blog schreef. In bijgaande opname zingt het ensemble blijkbaar in een steenkoude kerk. De sopranen dragen warme capes. Het is een opname voor de Tsjechische radio. De presentatrice doet vanachter een laag tafeltje blauwbekkend de aankondigingen. Die koude sfeer verdwijnt echter geheel als de muziek wordt ingezet.

Media vita begint bij 14:00 en duurt tot 31:35. Wie in minder tijd een indruk wil krijgen begint bij 29:35. De zangers vallen vanaf hier om beurten in met Sancte misericor Salvator (Heilige barmhartige redder). Zoals kenmerkend is voor renaissancemuziek zingen zij door elkaar heen en weven met elkaar een prachtige samenklank. Aan het einde wisselen de hoge stemmen elkaar af in het dramatische Nec tradas nos (Geef ons niet over).

Het is een schitterende compositie, door Cappella Mariana mooi uitgevoerd.
Toch is het maar zeer de vraag of jij, lezer, ook door deze muziek geraakt wordt.
Dat kan te maken hebben met de stijl. Veelstemmige renaissancemuziek zit vaak ingewikkeld in elkaar. Je moet de muziek vaker horen om het te kunnen waarderen.
Nog meer bepalend is, en daarmee kom ik op de derde voorwaarde, dat de muziek bij mij als individu een gevoelige snaar moet raken. Ik moet er voor open staan, er voor in de stemming zijn, of het moet aansluiten bij iets wat mij emotioneel heeft geraakt. En het moet zeker geen negatieve associaties oproepen, bijvoorbeeld als je een allergie hebt voor religieus gezang, Latijn of overwegingen over de dood. Is deze derde voorwaarde niet vervuld, dan is de kans groot dat je het stuk niet afluistert.
Rest nog de vraag waarom Media vita in morte sumus mìj zo geraakt heeft de afgelopen tijd.