Toen ik vorige week door de Wolter Heukelslaan in Utrecht fietste zag ik daar een vuilniscontainer met een sticker Zingen is Gezond. Welk menslievend wezen ooit zijn geld gespendeerd heeft om stickers met deze lumineuze tekst te laten drukken, heb ik niet kunnen achterhalen. En de vraag wie er eenmaal op een goede dag de ingeving kreeg om zo’n sticker uitgerekend op een vuilniscontainer te plakken, zal wel nooit beantwoord worden.
Feit is wel, dat er de afgelopen jaren een stroom aan publicaties op gang is gekomen over de heilzame werking van zingen. De boodschap is nog niet, dat veelvuldig zingen tot het eeuwige leven leidt, maar we zijn er wel dichtbij.
Zingen zorgt voor een betere fysieke gesteldheid door de training van de ademhaling, de longen en tal van spieren. Het heeft een positief effect op de bloeddruk en het hartvaatstelsel. Zingen leidt bovendien tot een toename van de afweerstoffen en een verbetering van je weerstand.
Als we zingen is het ‘feest in onze hersenen’, aldus Barber van de Pol in haar boek Zingen is Geluk. Alle hersendelen worden volledig geactiveerd en we vergeten de zorgen. Chronische pijn verdwijnt even naar de achtergrond. Zingen reguleert de emoties en het vermindert de stress. Zelfs een beetje zingen onder de douche is fitness voor de ziel. Wie ooit de bedrukte en gespannen gezichten heeft gezien van koorzangers die aankomen bij een repetitie en de uitgelaten, kinderlijke blijheid waarmee zij na afloop het repetitielokaal verlaten, wist dit natuurlijk allang. Het raadsel, waarom koormonniken een leven lang achter gesloten muren kunnen uithouden is nu opgelost. Ook is duidelijk waarom een ghettoblaster op de steiger onmisbaar is. Met de titel Arbeidsvitaminen waren deze radiomakers hun tijd ver vooruit.
Naast dit alles leidt zingen ook nog eens tot meer saamhorigheid. Uit onderzoek blijkt dat je tijdens het zingen oxytocine aanmaakt. Dit stofje bevordert dat je tijdens sociale contacten een gevoel van plezier ervaart. De van tv bekende neuropsycholoog Erik Scherder zegt, dat oxytocine je empathischer maakt.

Zingen is derhalve een goed medicijn tegen allerlei kwalen: copd, stotteren, somberheid. Dat zangers minder vaak verkouden zijn, zoals is aangetoond, kan ik helaas niet uit eigen ervaring bevestigen net zo min als de bewering dat zingen heilzaam is voor mensen met slaap-apneu. Wie ooit tijdens een koorweekend op een slaapzaal heeft gelegen zou, gelet op het meerstemmige, ritmische gesnurk eerder het omgekeerde kunnen concluderen.
In Nederland mag dan deelname aan een koor nog niet op recept verkrijgbaar, in Engeland en Duitsland is er een beweging op gang gekomen van Singing Hospitals c.q. Singende Krankenhäuser. Ernstige Parkinsonpatiënten slaan soepel aan het bewegen, dementerenden worden blij met Hoeper de Poep zat op de Stoep. De Musikalische Exequien van Heinrich Schütz, die ik komende week ga uitvoeren, lijkt me voor het ziekenhuis ook een geschikt keuze: ‘es ist allhier ein Jammertal, Angst, Not und Trübsal überall’.
Ik zie opeens nog veel meer mooie toepassingen voor me: koren voor gevangenen, treinende forenzen, boze witte mannen, daklozen, hongerende Afrikanen, de rij is eindeloos. En waarom zouden we niet een zangcoach meesturen als Trump binnenkort bij Kim Jong-un op bezoek gaat?